20-02-06

andermans zaad

ZOALS een zaadpluis door een spinragdraad,
de glinsterende door 't glinsterende gevangen,
een korte poos stil trillende blijft hangen,
en dan langs lucht'ge helling opwaarts gaat,

zo kleeft de mensenziel zich vol verlangen
aan ijle broosheid van geluk, en haat
de vlaag van 't lot, die stuk het spinsel slaat
en voort haar jaagt tot nooit vermoede gangen.

De hemel schreit haar, angstig weggestormd,
diep met zich mee naar 't smartlijk aardse donker;

en straalloos ligt en nietig en misvormd
wat zalig glansde in zilvre stergeflonker.

De wijze tijd houdt wacht; en 't godlijk zaad
ontkiemt tot kunst, tot wetenschap, tot daad.

J.A. dèr Mouw, Volledig dichtwerk, A'dam 1986, p. 209

21:51 Gepost door dv | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.