16-12-06

Anthonie Donker, uit Grenzen

Grenzen_cover




 

FRANCISCUS VAN ASSISI

Waar het bergpad zwenkte en den kloostertuin
Ontkwam, voortspringend langs aanvanklijk schuin
maar dan schier loodrecht opstijgende rots,
Stond onbewegelijk Franciscus. Onder hem
Lagen in dunnen mist klooster en meer.
Het ziende kende hij het nauwelijks meer
dan als verlaten legerplaatsen Gods.
Een klein brevier is aan zijn hand ontvallen
en viel als een dor blad onpeilbaar diep.
Thans scheen het rustelooze bloed bezonnen
En het weerspannig lichaam overwonnen,
En hij stond wachtende tot God hem riep
Volkomen rustig op de laatste wallen.
Hij hoorde op een andere planeet
Engelen zingen, en vervolgens schreed
Hij waar een gems hem niet meer volgen kon,
Boven de wereld blinkend in de zon.

(p23)

 

 

 

DE ENGEL

De wind legde zich neer. Daarna ontstond
Ver weg een donker aangolvende klaagzang,
En in dit lied gehuld verscheen aan mij
Een engel met Gods eigen, schoon gelaat
Maar zwaar gemanteld in dien duist'ren zang.
En toen hij over mij gebogen stond,
Zag ik den steilen neergezonken vleugel,
Geschonden en ontredderd zeil des hemels -
ik weet niet wanneer hij weer van mij week,
Doch sinds aan mij deze verdoolde engel
Verscheen, kon ik de teed're bloemen hooren,
Wanneer zij bloeiend zongen van den dood,
En ik verstond den roofdierlijken schreeuw.

En ik herkende Gods heldere oogen,
Duister en weenend in een woesten tuin.

(p24)

 

 

 

KINDERSPEL

Er schemert om dit denken zonder doel
een stilte, waarin klokgetik verzandt.
Ik staar in het loodgrijze licht en voel
Mij door herinneringen overmand.

- Spelende in het warme, diepe bed
Heb ik de dekens over mij gespannen:
Een sultan is in de woestijn verbannen.
Een vos sluipt naar zijn hol met sluwen tred -

Is dit voorbij? Ben ik teruggekeerd?
Wat is aan mij geschied, sinds ik verdreven
Werd uit dat zorgeloos en zonnig land?

Tegen het leven is geen droom bestand.
en hiervan is alleen overgebleven
een schuw herinner'ren bijna ongedeerd.

(p33)

 

 

 

DE DROOM

Dit somber land is niet mijn vaderland.
De tuinen van den droom zijn altijd groen.
Hier welken wilde rozen en mijn hand
Is moe van wat zij later nog zal doen.

Alles bevreemdt mij wat op aard geschiedt.
Er staat een jongen naar een zwaan te kijken,
Zóó onbekommerd en los van verdriet -
Een vrede die ik nooit meer kan bereiken.

Regen en sneeuw en zon en maan en wind.
Waarom hebben wij ons op weg begeven?
het eidigt evengoed als het begint.

Er is zooveel voorbij, zooveel nog komend.
De dag moest zonder avond zijn gebleven
En ik hier eeuwig van Assisi droomend.

(p37)

 

 

 

LEGENDE

Er ligt een schemering over de weiden.
Er loopt een man op den verlaten weg.
Geen sterveling zal hem zijn lot benijden.
Hij is alleen en hij weet heg nog steg.

Het wordt nog troosteloozer als ik zeg,
Dat hij daar altijd liep, te allen tijde
Vergeefs, vergeefs. Zal God hem ooit bevrijden?
Het schemert eeuwig op den leegen weg.

Nog altijd denkt hij: als ik maar blijf loopen
Vind ik een hergberg met een helder licht;
Dan ga ik binnen want de deur staat open.

Er is nog hoop op zijn vermoeid gezicht,
En daarom zal hij altijd blijven loopen ,
Maar als hij aankomt, zijn de deuren dicht.

(p.47)

 

 

 

ONDERWEG

Het is mij alsof ik mijzelf zie loopen,
een donker, in zichzelf gesloten ding,
en toch zoo vreemd van hunkeren en hopen
doorstroomd, van droomen en herinnering.

De lente gaat wit bloesemende open.
Een mensch gaat dicht en wordt een zonderling.
Al wat mij bijblijft, is onder het loopen
een liedje dat ik onophoud'lijk zing:

Waar is de vrede en het onderkomen?
Wie zegt mij wat er van ons allen wordt?
Wat is het doel, wie heeft den zin vernomen ?

De tijd van liefde en geluk is kort.
Het wordt ons alles één voor één ontnomen,
en wat het allerdierbaarst is, verdort.

(p.49)

 

Anthonie Donker, uit Grenzen, 1929
Bij Hijman, Stenfert Kroese & Van der Zande
Boekverkoopers te Arnhem

Afdrukbaar bestand (swf, 996kb)

 

11:45 Gepost door dv in voor de kinders | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

Commentaren

Legende is mijn favoriet!

Gepost door: Nidj | 13-02-09

De commentaren zijn gesloten.